Zoeken
Zeilmakerij, Afdekmaterialen, Buitenreclame, Overkappingen, Bevestigingsmaterialen

Geschiedenis


Onderstaand de geschiedenis van Bingham vanaf de start in 1871 in Rotterdam.

De informatie is afkomstig van Conam

 

In l871 verhuisden de uit Engeland afkomstige broers Seymour en Daniël George Bingham naar Rotterdam, waar zij onder de naam Bingham & Co. een bedrijf begonnen dat dekkleden en afdekzeilen verhuurde. De firma was gevestigd aan de Eenhoornstraat 4-6 nabij de Leuvehaven. 1)

Vanaf 1884 begon S. Bingham met de vertegenwoordiging van diverse Engelse rijwielfabrieken in ons land en in 1890 startte men met de fabricage van een eigen merk rijwiel, de Eenhoorn. Op de Rai-tentoonstelling te Amsterdam in 1895 (toen nog RI geheten) exposeerde men 10 rijwielen.

eenhoorn-1905-03-bingham

advertentie 1905

 

 

Enkele jaren later zocht Bingham naar expansiemogelijkheden in een andere sector en vond die in de import van auto's. In 1903 exposeerde Bingham op de RAI-tentoonstelling "Olds benzine-motorrijtuigen, genaamd Oldsmobile", zoals omschreven in de catalogus.

Daarmee waren zij de eerste importeurs van Amerikaanse wagens in Nederland, maar dit importeurschap heeft slechts twee jaar geduurd, want vanaf 1905 begon men met de fabricage van motorrijwielen onder de naam 'Eenhoorn'. Deze konden geleverd worden in drie uitvoeringen, met een eencilinder motor van 3, 3½ of 4 pk. Deze motorfietsen werden in de loop van 1905 alleen nog maar op speciale bestelling geleverd en specialiseerde men zich verder op de fabricage ven rijwielonderdelen. Deze Eenhoorn motorrijwielen waren voorzien van een viertakt motor met gecommandeerde in- en uitlaatklep. Het laag in het frame geplaatste motorblok kon op bestelling ook geleverd worden met automatische inlaatklep voor de prijs van 375 gulden. Het model met magneetontsteking kostte 425 gulden terwijl, als men de Franse Simplex verende voorvork prefereerde, men 452,50 gulden moest neertellen.

 


 

Ook werd en zgn. tricar leverbaar. Dit was een soort driewielige kruising tussen een motorfiets en een automobiel. De bestuurder zat in een soort kuipstoeltje in plaats van op een zadel en tussen de beide voorwielen bevond zich een zgn. voorspanbakje, waarin een of twee personen plaats konden nemen. Daarnaast was er een echt autostuurwiel en een slinger aan de linkerzijde. Een luchtgekoelde 4 pk tweetaktmotor zorgde via een frictiekoppeling en een tweeversnellingsbak voor de aandrijving. Dit voertuig kreeg de naam Autolette en de prijs was 700 gulden.

autolette-1

autolette-1905-03-bingham-1
autolette-1905-03-bingham-2 autolette-1905-03-bingham-3


De Autolette werd verder ontwikkeld en op de achtste Rai-tentoonstelling in 1906 was Bingham met een grote stand vertegenwoordigd. Men toonde een tweepersoons Autolette, model A en model B, beiden voorzien van de eencilinder motor, met iets meer vermogen, 4½ of 5 ½ pk. De gelijkenis met een motorfiets was zo goed als verdwenen, het achterwiel was half bedekt door een plaatscherm, het motorfietsframe had plaats gemaakt voor een echte carrosserie en de voorspanbak was ruimer en comfortabeler geworden, men kon kiezen uit één of twee passagiersplaatsen voorop. De twee passagiersplaatsen werden geschikt geacht voor een dame en een kind. Ook de bestuurder had een betere zitplaats gekregen en er waren twee koplampen aangebracht! Met beplaat achterframe kostte deze Autolette 900 gulden.

 

autolette-7

autolette-2

autolette-6

 

Ook toonde men een vierwielige uitvoering van de Autolette, model C en D. Dit was al meer een voiturette, een lichte open tweezitter die leverbaar was met de eencilinder 5½ pk. (model C) of met een tweecilinder 7 pk. motor (model D). Het wagentje had een wielbasis van 2,3 meter, remtrommels op de aandrijfas en kettingaandrijving naar een differentieel, dat op zijn beurt weer door middel van twee kettingen de beide achterwielen aandreef. Het 5½ pk. model had twee versnellingen en de tweecilinder had er drie, de wielbasis was 2,30 m. De prijs bedroeg 1750 gulden voor het model C en 2400 gulden voor het model D

 

autolette-type-C-1906

autolette-g-1308-1907

eenhoorn-bingham-ca-1907

 

Tenslotte stond er ook een "meer volwassen" automobiel onder het merk Bingham, een coupe-limousine met een viercilinder, 12 pk. motor, eveneens met kettingaandrijving en drie versnellingen. Deze wagen had een geperst stalen chassis en een wielbasis van 2,90 meter en was leverbaar met een viercilinder motor van 12 pk, 16 pk of 24 pk. De carrosserie van de tentoongestelde wagen was van de fa. Dolk te Rotterdam. Van deze auto zijn geen afbeeldingen bekend.

 

Verder toonde Bingham nog twee motorfietsen, resp. met 3- en 6 pk. motor, en een aantal losse bootmotoren en stationaire motoren. Dit was waarschijnlijk te veel van het goede en al voordat het jaar 1906 ten einde was, werd de productie stopgezet en snel daarna verdween de firma geruisloos van de automarkt. Overigens is het aantal wagens dat in totaal is afgeleverd, niet groot. De schatting is tien tot dertig stuks.

 

 

 

 

 

 

 

In 1907 keerde men terug tot het oude metier, de fabricage van Eenhoorn-rijwielen en frames met toebehoren. Ook richtte men zich weer op de motorrijwielen, al werden deze niet meer in Rotterdam gemaakt, maar verkocht men uit Frankrijk geïmporteerde Griffon-modellen.

 

 Bingham vestiging 1953

 

Bingham bestaat trouwens nog steeds. Tegenwoordig is de firma gevestigd in Schiedam. Van auto-, motor-, en fietsproductie is echter geen sprake meer, men maakt weer... afdekzeilen!

 

(website Bingham)

 

 

 

Tekst Rutger Booy met gebruikmaking van onderstaande bronnen:

 

Heldt, B.H.: 80 jaar Nederlandse Automobielindustrie, 1976

 

Wallast M.: Historisch overzicht van de Nederlandse Automobielindustrie, 1979

 

Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland, 1993

 

Bijnen, Ruud van: artikel in het Conam Bulletin 18-4, december 2008

 

 

1) De Eenhoornstraat is verwoest tijdens het bombardement op Rotterdam in de Tweede Wereldoorlog